Koppeling & remhydrauliek

De winter is er weer. Vocht, vuil en zout zijn funest voor het hydraulische gedeelte van het remsysteem. Extra aandacht is geboden. Hitec geeft wat tips.

Hitec_Koppeling_Remhydrauliek_groep


Het hydraulische gedeelte van het remsysteem heeft vooral tijdens winterse omstandigheden flink te kampen met de elementen. Vocht, vuil, zand en zout doen het systeem geen goed. Het is dus zaak om het remsysteem tijdens en na de winterperiode extra goed te inspecteren. Remdelenleverancier Hitec neemt een aantal veel voorkomende problemen onder de loep en heeft enkele werkplaatstips op een rijtje gezet.

Hoofdremcilinder

Een defecte hoofdremcilinder wordt meestal veroorzaakt door het niet tijdig vervangen van de remvloeistof. Remvloeistof is hygroscopisch en neemt dus water op.  dit gebeurt onder andere via de afdichtrubbers van de remcilinders, via het remvloeistofreservoir (waar waterdamp bijkomt bij een laag vloeistofpeil) en door de wanden van de remslangen (die bij veroudering poreus worden). De vervuilde remvloeistof kan de cups in de hoofdremcilinder aantasten, waardoor er resten in de cilinder achterblijven die de werking beïnvloeden en de rubbers aantasten. De levensduur van de hoofdremcilinder wordt zo flink verkort.

Montage van remblokken

Een andere belangrijke reden die de levensduur van de hoofdremcilinder verkort, is het foutief vervangen van de remblokken. Bij het vervangen van de remblokken moeten de zuigers van de remtangen teruggeduwd worden in de remtang. In het geval van een geïntegreerde handrem moeten de zuigers door middel van speciaal gereedschap teruggedraaid worden. Bij onvakkundig terugduwen/-draaien van de zuigers in de remtang kan de druk in het remsysteem in hele korte tijd zo hoog oplopen dat de cups in de hoofdremcilinder met zoveel kracht en snelheid teruggeduwd worden dat er beschadiging van de rubbers ontstaat. Een ander aandachtspunt bij de vervanging van remblokken die direct invloed heeft op de kwaliteit van de remvloeistof, is beschadiging van de stofhoezen van de remtang. Als deze bijvoorbeeld beschadigen door een schroevendraaier of bandenlichter kan de vervuiling via de hoezen in de cilinder komen en daarmee de remvloeistof vervuilen.

Ontluchten

Na het vervangen van de hoofdremcilinder en het ontluchten van het remsysteem kan het systeem nog steeds ‘sponzig’ aanvoelen. Dit kan veroorzaakt zijn door schuine plaatsing van de hoofdremcilinder door de fabrikant. Een voorbeeld hiervan is de hoofdremcilinder van een Peugeot 205. Door de schuine plaatsing van deze cilinder, dient deze vóór montage al gevuld te worden. Vervolgens moet de piston op en neer bewogen worden, totdat uit alle leidingaansluitingen vloeistof komt. Pas hierna kan de cilinder gemonteerd worden en ontlucht worden met een drukketel.  

Tip 1: Vervang de remvloeistof op tijd om aantasting van de cups in de hoofdremcilinder te voorkomen. De vervangingsinterval is afhankelijk van de toe te passen remvloeistof.  

Tip 2: Let er bij vervanging van de remblokken op dat de zuigers deskundig, zonder een te snelle drukverhoging, in de remtang teruggeduwd worden.  

Tip 3: Let op de hoek waaronder de hoofdremcilinder gemonteerd is en vul deze indien nodig al voor montage met remvloeistof.

Hoofdkoppelingscilinder

Net als bij het remsysteem is het tijdig vervangen van de vloeistof ook voor het koppelingssysteem zeer belangrijk. Want ook bij het koppelingssysteem geldt dat  vervuiling van de vloeistof de levensduur van de cilinders verlaagt. Naast het tijdig vervangen van de vloeistof, is het van belang dat ook de hulpkoppelingscilinder op tijd vervangen wordt. Dit voorkomt dat een grote hoeveelheid vervuiling ontstaan in de hulpkoppelingscilinder, verplaatst wordt naar de hoofdkoppelingscilinder.

Hulpkoppelingscilinder

De oorzaak van schade aan de hulpkoppelingscilinder ligt veelal bij aantasting van de cilinder door slijtagedeeltjes afkomstig van de koppelingsplaat. Door deze deeltjes wordt het huis van de cilinder aangetast, waardoor er vervuiling in het systeem komt. Wanneer de hulpkoppelingscilinder geïntegreerd is in de versnellingsbak, zoals bij een Opel Astra, is het raadzaam om bij vervanging van de koppelingsset de hulpkoppelingscilinder goed te controleren en zo nodig te vervangen. Hiermee wordt voorkomen dat de versnellingsbak (onnodig) tweemaal gedemonteerd moet worden.  

Tip 4: Controleer bij demontage van een versnellingsbak met geïntegreerde hulpkoppelingscilinder altijd de koppelingscilinder en vervang deze indien nodig.  

Wielremcilinder

Roestvorming is meestal de oorzaak van een lekkende of vastzittende wielremcilinder. Deze roest ontstaat veelal van binnenuit als gevolg van remvloeistof die niet tijdig wordt vervangen. Zoals hierboven al beschreven is, neemt de remvloeistof water op. Dit opgenomen water stimuleert roestvorming in de wielremcilinders. Daarnaast kan er door beschadiging van de afdichtrubbers van de wielremcilinder vuil van buitenaf in de cilinder dringen. De roestdeeltjes en het binnengedrongen vuil verspreiden zich vervolgens via de remvloeistof en komen daarbij ook in de remslangen terecht. Bij een reparatie of vervanging van remdelen worden de remslangen meestal tijdelijk ‘afgedopt’ om het weglopen van de remvloeistof te voorkomen. Wanneer de remslangen daarna weer gemonteerd zijn, verspreidt de oude remvloeistof zich, inclusief water, roestdeeltjes en andere vuildeeltjes, in de nieuwe wielremcilinders. Het spreekt voor zich dat dit niet gunstig is voor de levensduur van de nieuwe wielremcilinders. Een ander veelvoorkomend probleem dat funest is voor een wielremcilinder is het te strak aandraaien van de remleiding c.q. ontluchtingsnippel bij een gietijzeren wielremcilinder. Wanneer er een te grote kracht wordt uitgeoefend op de aansluitingen is de kans reëel dat deze afbreken.

Remkrachtverdeler

Remkrachtverdelers kunnen opgesplitst worden in twee uitvoeringen, te weten: • last afhankelijk • niet last afhankelijk De belangrijkste taak van een remkrachtverdeler is om de remkracht van de achterwielen zo optimaal mogelijk onder verschillende omstandigheden te benutten, zonder dat daarbij de wielen blokkeren door te hoge drukken.  

Tip 5: Vervang de remvloeistof op tijd om roestvorming in de wielremcilinder te voorkomen. De vervangingsinterval is afhankelijk van de door de autofabrikant voorgeschreven remvloeistof (bijvoorbeeld DOT 3 / 4).  

Tip 6: Bij vervanging van de wielremcilinders is het raadzaam om ook nieuwe remslangen te monteren. Remslangen hebben een levensduur van circa 5 jaar of 50.000  km.  

Tip 7: Draai de remleiding c.q. ontluchtingsnippel vaneen gietijzeren wielremcilinder niet te strak aan  om afbreken van de aansluitingen te voorkomen.

Tip 8: Bij vervanging van 1 defecte wielremcilinder is het raadzaam om de andere zijde gelijktijdig preventief te vervangen.